apr 012012
 

The Santaroga BarrierHeb verleden jaar The Santaroga Barrier (1968), een roman van Frank Herbert, nog eens herlezen en ik vind het nog altijd een prachtig boek. Voor de ene lezer is dit een utopie, voor de andere een anti-utopie – het is maar vanuit welke invalshoek je het bekijkt.

Santaroga lijkt een slaperig boerengat zoals er zo veel zijn. Maar buitenstaanders worden geweerd: ze blijven er zelden langer dan een nacht. En de bewoners verlaten het oord wel om te gaan studeren of om hun legerdienst te doen, maar ze keren altijd terug. En het is helemaal onmogelijk om er als buitenstaander een fabriek of een andere vorm van economische activiteit in te planten.

De hoofdpersoon, Gilbert Dasein, een psycholoog van Berkeley, gaat naar Santaroga in opdracht van een grote supermarktketen om te achterhalen waarom een vestiging door Santaroga werd gedwarsboomd. Hij heeft bovendien een tweede reden om naar het stadje te gaan: Jenny Sorge, die zijn leerlinge was aan de universiteit en daarna zijn verloofde, heeft niets meer van zich laten horen sinds ze naar haar geboortestad is teruggekeerd.

Eenmaal aangekomen merkt Dasein onmiddellijk dat de bewoners anders zijn: er is geen reclame, geen televisie, geen tabak en de bewoners zijn uitgesproken eerlijk en direct. Ondanks de individuele verschillen lijken ze bovendien op een vreemde wijze een eenheid te vormen, die woordeloos communiceert. Bovendien hebben ze een wonderlijk lokaal product, dat geproduceerd wordt door de Jaspers Kaascoöperatieve en dat in al hun voedsel aanwezig is. Het product zelf wordt eenvoudig “Jaspers” genoemd. Lezers van Herbert zien hier uiteraard onmiddellijk een echo van de “melange” uit Dune in.

De inwoners van Santaroga verwerpen de op winst gebaseerde buitenwereld, die psychologie gebruikt om mensen producten aan te smeren die ze niet nodig hebben en waarin de mensen door reclame geconditioneerd worden op een eenvormige wijze te denken en handelen. Dasein realiseert zich langzamerhand  dat hij een spion voor krachten is die Santaroga als een vijand beschouwen die moet worden  overwonnen – niet zozeer voor de kleine winst die dat zou opleveren, maar omdat  in hun wereld van illusies weerstand een anomalie is. De Santarogans daarentegen willen leven, niet alleen bestaan.

Dasein wil er achter komen wat het product Jaspers precies is en wat het doet, maar dat is niet zonder risico.  Twee andere onderzoekers zijn verongelukt, en Dasein zelf ontsnapt bij diverse gelegenheden ternauwernood aan een aantal gruwelijke ongelukken. Hij ontdekt uiteindelijk dat Jaspers een drug is die een blijvende verandering van het bewustzijn veroorzaakt. Het opent je ogen en je oren, het maakt je geest bewust.  Jaspers geeft de mens de kans op een nieuw begin, op bevrijding van al zijn vroegere conditionering. Het openstellen van het collectieve onbewuste brengt ook een gevoel van innerlijke verbondenheid teweeg.

Dasein wordt verscheurd tussen de mogelijkheden die  Jaspers opent – de helderheid van de waarneming, het gevoel van verbondenheid en zorg, de unieke geestelijke verdieping – en de knagende angst om opgeslokt te worden  in een amorf “wij” dat hem van zijn vrijheid  zal beroven. Op een gegeven ogenblik slikt hij echter een overdosis van het product, waardoor hij voor eeuwig met Santaroga verbonden zal zijn.

Het idee achter de roman is dat het individu Dasein alleen is. Als hij dat weigert te aanvaarden en denkt te moeten kiezen tussen Santaroga of de buitenwereld dan zit hij in de val. Hij zoekt een sociale verlossing die niet bestaat – en verliest zo zichzelf.

Enkele sleutels

De kinderen van Santaroga worden opgeleid door Dr PiagetJean Piaget (1896 - 1980) was een Zwitsers psycholoog die de cognitieve psychologische ontwikkeling van kinderen bestudeerde.

Martin Heidegger (1889-1976) treedt in zijn analyse van het Dasein in debat met de grote filosofen en de wetenschap die hij vindt tekort te schieten. Hij verwijt hen nooit diep genoeg over het zijn nagedacht te hebben. De gedachten over mens-zijn als Dasein, als in-der-Welt-sein, als Mitmensch-sein, als sein-zum Tode, opvattingen over het Niets, over eigenlijk en oneigenlijk leven, over angst en dood, over “zich smijten” en Sorge zijn tot op vandaag basisbegrippen in de wijsbegeerte.

Karl Jaspers (1883-1969) staat te boek als één van de prominente vertegenwoordigers van de existentiefilosofie. De menselijke zijnswijze wordt voor Jaspers gekenmerkt door het vermogen tot zelfzijn, tot actieve vormgeving aan het eigen bestaan. Iedereen zou een echt authentiek bestaan moeten kunnen leiden, een leven dat door de betrokkene naar waarheid zijn eigen leven genoemd kan worden.

De echo’s in het boek zijn oorverdovend…

Gegevens

Auteur: Frank Herbert
Land: USA
Genre: Science Fiction,
Pub. Datum: 1968
Format: Hardcover, Paperback
Uitgeverij: Berkley Books, 255 blz.
Opmerkingen: Nu onder meer te verkrijgen bij Amazon.com, Tor Books, Mass Market Paperback, 2002

Nederlandse uitgaveDe Santaroga Barrière, Centripress 1978 – enkel nog tweedehands te vinden

 

apr 012012
 

There is no God and we are his prophets.

Dit post-apocalyptisch verhaal vertelt over de hopeloze reis van een naamloze vader en zijn zoontje, die over een weg naar het zuiden trekken. Ze reizen te voet en het enige dat ze bij zich hebben is een revolver met twee kogels en een winkelwagentje met hun schamele bezittingen. Het sneeuwt en regent voortdurend, de zon kan niet meer door de nevels breken en alles is bedekt met een dikke laag as. Ze willen de oceaan bereiken, waar het hopelijk warmer zal zijn.

Amerika bestaat niet meer, het is ten onder gegaan aan wat op een kernoorlog lijkt. Alle dieren en planten zijn dood, en er is maar een handjevol mensen over.

De moeder van de jongen was zwanger van hem toen de ramp plaatsvond. Ze heeft enige tijd voordat het verhaal begint zelfmoord gepleegd. De vader hoest elke ochtend bloed en beseft dat hij stervende is, maar probeert nog steeds zijn zoon te beschermen tegen de constante dreiging van agressie, honger en kou. De man en de jongen hebben alleen elkaar.

The mummied dead everywhere. The flesh cloven along the bones, the ligaments dried to tug and taut as wires. Shriveled and drawn like latterday bogfolk, their faces of boiled sheeting, the yellowed palings of their teeth. They were discalced to a man like pilgrims of some common order for all their shoes were long since stolen..

Tijdens hun tocht zijn ze voortdurend op zoek naar voedsel dat door anderen over het hoofd is gezien, want alle woningen en winkels zijn al lang ontdaan van al wat bruikbaar is. De vroeger alledaagse voorwerpen en merken zorgen in deze wereld voor vervreemding bij de vader en verwondering bij de zoon. Op een gegeven ogenblik vindt de vader een blikje Cola, maar de zoon weet niet wat dat is.

He sat and ran his hand around in the works of the gutted machines and in the second one it closed over a cold metal cylinder. He withdrew his hand slowly and sat looking at a Coca Cola.
What is it, Papa?
It’s a treat. For you.

De weinige overlevenden zijn jagers of gejaagden – de jagers vangen hun soortgenoten voor consumptie. Vader en zoon moeten toezien hoe een pasgeboren baby op een spit wordt geroosterd, en mensen als vee in een kelder in gevangenschap worden gehouden, klaar voor de slacht. De wereld is zo troosteloos, en de angst zo alomtegenwoordig, dat je als lezer hoopt dat er snel een eind aan het leven van vader en zoon komt, dan zijn ze tenminste uit hun lijden verlost. Hoewel de man en de jongen uiteindelijk de zee bereiken, zijn noch het klimaat, noch de beschikbaarheid van voedsel verbeterd. Alles is van dezelfde oneindige troosteloosheid.

And perhaps beyond those shrouded swells another man did walk with another child on the dead gray sands. Slept but a sea apart on another beach among the bitter ashes of the world or stood in their rags lost to the same indifferent sun.

De man bezwijkt uiteindelijk en sterft.

You need to go on, he said. I cant go with you. You need to keep going. You dont know what might be down the road. We were always lucky. You’ll be lucky again. You’ll see. Just go. It’s all right.
I cant.
It’s all right. This has been a long time coming. Now it’s here. Keep going south. Do everything the way we did it.
(…) You have to carry the fire.
I dont know how to.
Yes you do.
Is it real? The fire?
Yes it is.
Where is it? I dont know where it is.
Yes you do. It’s inside you. It was always there. I can see it.
Just take me with you. Please.
I cant.
Please, Papa.
I cant. I cant hold my son dead in my arms. I thought I could but I cant.

Toch laat de schrijver een minuscuul straaltje hoop doorschemeren – maar je vraagt je af of het de moeite waard is verder te leven in de hel die de aarde is geworden. Bovendien is het dubbelzinnig: op de derde dag na de dood van zijn vader, ontmoet hij een man die een vrouw en twee kinderen heeft en beweert “tot de goeden” te behoren. Die nodigt hem uit zijn gezin te vervoegen. De vraag wat er verder gebeurt blijft open.

Gegevens

Auteur: Cormac McCarthy
Land: USA
Genre: post-apocalyptische roman
Pub. Datum: 2006
Format: Hardcover, 256 blz.
Uitgeverij: Random House

Nederlandse uitgave: De Weg, Arbeiderspers, 2007.

Film: Het boek werd verfilmd onder dezelfde titel (november 2009).

apr 012012
 

The BabysquadEven een tussendoortje. Op een lijstje met anti-utopieën stond er eentje van een zekere Andrew Neiderman, die een veelschrijver in het thrillergenre blijkt te zijn. Hij zou een anti-utopie geschreven hebben met de naam “The Baby Squad”. Er is geen Nederlandse vertaling voorhanden, bij mijn weten, en dat is maar goed ook. Was me dat een oppervlakkig niemendalletje! De klanten van amazon.com zijn het daar blijkbaar niet mee eens, maar smaken verschillen!

Het verhaal speelt zich af in een wereld waar sterilisatie verplicht en zwangerschap een misdaad is. Er worden genetisch perfecte kinderen gecreëerd in staatslaboratoria, die daarna door perfecte ouders (d.w.z. echtparen die aan een aantal loodzware voorwaarden moeten voldoen) kunnen worden geadopteerd. Hierdoor is de jeugddelinquentie zo goed als onbestaande.

Natuurlijk (anders was er geen verhaal) zijn er mensen die nog hunkeren naar een ouderwetse zwangerschap, op de ‘abnormale’ manier. Kinderen die op die wijze het daglicht zien, worden dan ook Abnormalen genoemd, en hebben weinig kansen in het leven, hoe getalenteerd ze ook zijn. Natalie Ross, een schrijfster van romantische verhalen, was zo’n kind, maar dat weet niemand, ook haar echtgenoot niet. Ze is uiteraard na haar geboorte niet gesteriliseerd en wordt zwanger, ondanks de anticonceptiva die ze op de zwarte markt heeft aangeschaft. Deze schandelijke toestand kan de carrière van haar man ten gronde richten en vormt een gevaar voor het hele idyllische stadje, dat door zo’n smet wel eens een substantieel deel van de subsidies zou kunnen verliezen.

Aan de andere kant zijn er een aantal tieners die verboden zwangerschapsspelletjes spelen. Een van hen wordt ontmaskerd door de beruchte Babypatrouille, een burgerwachtbende onder leiding van Hattie Scranton, een tang van een wijf met SS-allures. Deze ontmaskering leidt tot moord en doodslag, en een detective die zelf een Abnormale is, moet de dader(s) ontmaskeren en krijgt daarbij te maken met een web van leugens en intriges.

Geen science-fiction, maar een thriller met een snuifje horror en een snuifje dystopie om het mengseltje wat interessanter te maken. En de personages zijn tweedimensionale, bordkartonnen karikaturen. Uiterst geschikt dus om de open haard mee aan te steken. Eigenlijk geen afzonderlijk auteursfiche waard, maar ja…

Gegevens:

Auteur: Andrew Neiderman
Land: USA
Genre: Thriller met een anti-utopische sausje
Pub. Datum: 2003
Format: Paperback
Uitgeverij: Pocket Star (Augustus 2003)

apr 012012
 

RingworldDe roman opent in 2855 met de tweehonderdste verjaardag van Louis Wu. Om zo lang mogelijk van die dag te genieten gebruikt Louis transfercabines – openbare teleportatie-eenheden – om in westelijke richting van tijdzone naar tijdzone te springen. Op een gegeven ogenblik wordt hij onderschept en overgebracht naar een hotelkamer waar hij een tweekoppige, driepotige buitenaardse ontmoet, een zogenaamde Pierson’s poppenspeler, met de naam Nessus. Lang geleden zwaaiden de poppenspelers de plak over een enorme strook van de Melkweg, totdat ze plotseling verdwenen. Het blijkt dat ze waren gevlucht voor een explosie van supernova’s in de galactische kern. De dodelijke straling van de explosie zal de bekende ruimte niet bereiken voor nog eens 20.000 jaar, maar de poppenspelers zijn heel goed vooruitziend, omdat ze van nature nogal laf zijn en dus alles in de hand willen houden.

En nu wordt hun migratie naar de Magelhaense Wolken onderbroken door de ontdekking van een onverklaarbaar vreemde structuur. Nessus wil een bijzondere onderzoeksexpeditie samenstellen om dit fenomeen te onderzoeken. Hij overtuigt Louis Wu, een kat-achtige buitenaardse Kzin-krijger genaamd Spreker-tot-Dieren, en een 20-jarige vrouw genaamd Teela Brown (die zodanig genetisch gemanipuleerd is dat ze altijd geluk heeft) om met hem mee te gaan in ruil voor een schip met een hyperdrive dat duizenden keren sneller is dan de ruimteschepen die de mens en Kzinti momenteel bezitten. Op die manier kunnen hun rassen eveneens aan de explosie van de kern ontsnappen.

Na een tussenstop op de poppenspelers thuisplaneet, reizen de vier ontdekkingsreizigers verder tot ze de structuur bereiken. Die blijkt een enorme ring met een omtrek van 600 miljoen mijl te zijn die rond een ster van het G-type is gebouwd. Op de binnenkant van de ring, die een miljoen km breed is, is een hele wereld aangelegd, die aan weerskanten is afgesloten door kilometershoge bergen. De ring draait om aan de bewoners zwaartekracht te verschaffen. Op enige afstand binnen de ring draait een tweede ring van schaduwvlakken. Door de snellere rotatie hiervan zorgt deze voor een regelmatige afwisseling tussen dag en nacht. De hele constructie is adembenemend.

De poppenspelers, die zelf uiterst geavanceerd zijn en hele planeten kunnen verplaatsen, hebben eindelijk iets ontmoet dat hun capaciteiten te boven gaat, en dat maakt hen bang. Wat nog beangstigender is, is het feit dat de beschaving van de Ringwereld is ingestort: er leven nog menselijke inboorlingen (hoe zijn ze daar gekomen?) die zijn vervallen tot barbarendom en godenverering, maar de oorspronkelijk ingenieurs van deze wonderlijke wereld zijn vertrokken en de fantastische bouwwerken zijn grotendeels ingestort (wat is er gebeurd?).

De roman, waarvan het einde duidelijk een vervolg suggereert, ontving terecht zowel de Hugo, de Nebula als de Locus Award.

 

Gegevens:

Auteur: Larry Niven
Land: USA
Genre: harde science fiction
Pub. Datum: 1970
Format: Hardcover, Paperback
Uitgeverij: Ballantine Books
Opmerkingen: Nederlandse uitgave: Ringwereld, J.M. Meulenhoff, 336 blz.

Ringworld serie – Vervolgboeken:

  • The Ringworld Engineers (1980 – Bouwers van Ringwereld)
  • The Ringworld Throne (1996- Beschermers van Ringwereld)
  • Ringworld’s Children (2004 – Kinderen van Ringwereld)

Citaten

Openingszin:

In the nighttime heart of Beirut, in one of a row of general-address transfer booths, Louis Wu flicked into reality.

Herkenbaar:

Louis Wu saw how thoroughly Munich resembled Cairo and Resht … and San Francisco and Topeka and London and Amsterdam. The stores along the slidewalks sold the same products in all the cities of the world. These citizens who passed him tonight looked all alike, dressed all alike. Not Americans or Germans or Egyptians, but mere flatlanders.

Architectuur:

In its day the city must have been terrible in its beauty. One feature it had which would have been the envy of any city in known space. Many of the buildings had not rested on the ground at all, but had floated in the air, joined to the ground and to other buildings by ramps and elevator towers. Freed of gravity, freed of vertical and horizontal restrictions, these floating dream-castles had come in all shapes and a wide choice of sizes.

Religie:

“Everyone wants to be god.” Wants the power without the responsibility; but Louis didn’t know those words.

 

apr 012012
 

The Nine Billion Names of GodEen heerlijk kort verhaal van Arthur C. Clarke uit 1953. In een Tibetaans klooster zijn ze de monniken al driehonderd jaar bezig alle mogelijke namen van God op te schrijven, en ze verwachten dat het vijftienduizend jaar zal duren om deze taak tot een goed einde te brengen. Omdat dit zelfs voor geestelijken een lange tijd is, willen ze moderne technologie inschakelen. Een computer zal alle mogelijke lettercombinaties voor hen zal afdrukken en op die manier zal het werk nog maar honderd dagen duren. Twee Westerse ingenieurs zullen de computer installeren en programmeren.

De twee Westerlingen moeten drie maanden in Tibet blijven en vervelen zich daar dood. Ze begrijpen niet waar de monniken mee bezig zijn, maar ontdekken uiteindelijk waarom al die namen moeten worden gezocht. Als alle namen opgelijst zijn, en dat zijn er naar schatting negen miljard, dan heeft God het doel bereikt waarvoor de mensheid werd geschapen en is het niet meer nodig dat er nog iets anders wordt gedaan. Dan is het dus Schluss.

De ingenieurs geloven er niets van: ze denken dat er helemaal niets zal gebeuren en dat zij, en bij uitbreiding hun firma, daarvan de schuld zullen krijgen. Daarom timen ze de werkzaamheden zo dat ze al bijna op het vliegveld zullen zijn als de laatste naam uit de computer zal rollen. Zo gezegd zo gedaan. Na hun succesvolle pauzeren ze even op het bergpad dat hen naar het vliegtuig zal brengen. Onder een heldere sterrenhemel schatten ze dat het zo ongeveer het ogenblik moet zijn dat de monniken de laatste naam in hun heilige boeken plakken. En dan gaat letterlijk het licht uit!

Gegevens:

AuteurArthur C. Clarke
Land: Verenigd Koninkrijk
Genre: Harde SF
Pub. Datum: 1953
Format: in Star Science Fiction Stories No.1 (bloemlezing)
Uitgeverij: Balantine Books
Opmerkingen: Tweedehands te verkrijgen als bloemlezing bij amazon.com, op het internet op talrijke plaatsen elektronisch te vinden (Google de titel!)

apr 012012
 

The World Jones MadeThe World Jones Made speelt zich af in 2002 AD. De wereld werd verwoest door een oorlog met nucleaire wapens. De drie grote blokken ( de VS, China en de Sovjet-Unie) stuikten in elkaar, hetgeen leidde tot de oprichting van een federale wereldregering (Fedgov). De wereldvrede werd bekomen door het verplicht toepassen van het Relativisme: een moraalfilosofie die stelt dat iedereen vrij is te geloven wat hij wil, dat de aarde plat is, dat babies in plastic zakken worden geboren, dat God een ui is …. zolang hij deze inzichten niet aan een ander als “waarheid” oplegt. Want dan wordt hij gearresteerd en belandt hij in een werkkamp.

“It’s the result of being killed and injured and made poor and working hard for empty words. It’s the outgrowth of generations of shouting slogans, marching with spades and guns, singing patriotic hymns, chanting, and saluting flags.”

en

“Don’t say I should care. That’s a crime against Relativism. You can care all you want, but don’t tell me I have to care, too.”

Natuurlijk heeft relativisme zo zijn gevolgen. Aangezien alle ideologieën verboden zijn, heeft de mens geen mogelijkheid in iets “gedeeld” te geloven, in een groep gelijkgezinden op te gaan, een vurig aanhanger van iets te zijn. Alles is vervlakt. Alle mensen zijn gelijk en alle ideeën zijn gelijk. In plaats van lege woorden, die vroeger massa’s op de been brachten en uiteindelijk tot oorlog leidden, zijn er nu géén woorden meer.

“I mean,” Nina said, “there was the war, and now here we are. (…) For what? Where can we go? What can we look for? We’re not even allowed to have romantic illusions, any more. We can’t even tell ourselves lies. If we do —” she smiled, without rancor. “Then they take us to the forced labor camps.”

In deze wereld komt een kermisklant, met de naam Floyd Jones, roet in het eten gooien. Jones heeft een standje op een kermis die hoofdzakelijk is bevolkt door oorlogsmutanten. Hij voorspelt de toekomst van de mensheid, niet die van individuen, omdat hij één jaar vooruit kan zien. Hij beleeft dus alles twee keer: één keer door zijn “tweede zicht” en één keer een jaar nadien. Dit maakt van zijn leven een hel, omdat alles al vaststaat, er zijn geen verrassingen meer mogelijk. Omdat Jones geen “geloof” of “opinie” verkondigt, maar simpelweg vertelt wat er staat te gebeuren, kan de regering niets tegen hem doen. Hij wordt een paar keer opgepakt, maar moet steeds weer worden vrijgelaten. Van kermisklant evolueert hij naar prediker, en aanvankelijk lijkt hij een Messiah: hij is in staat de mensen terug te doen dromen in een wereld waarin dromen verboden zijn, hij kan hen een toekomstvisie bieden.

Jones ontpopt zich echter al snel als een fascist en een xenofoob, die zijn heerschappij grondvest op angst en paranoia. Het doet aan de McCarthy-vervolgingen uit het begin van de jaren 50 denken, waarbij “de vijand” in dit geval reusachtige eencellige organismen zijn (drifters), die zonder kwaad te doen op aarde landen om daar te sterven, maar die volgens Jones kwaadaardige indringers zijn.

“Within a year,” Jones stated, “there’ll be drifters landing everywhere. Every day of the week. Ten here, twenty there. Hordes of them. All identical. Mindless hordes of filthy alien beings.”
With an effort, Pearson said: “Sitting next to us in busses, I take it. Wanting to marry our daughters — right?”

Er zijn ook parallellen tussen het jonesisme en nazisme: verering van de persoonlijkheid, oprichting van politieke comités, aansporing tot haat, eindeloze toespraken …

Als Jones FedGov uiteindelijk heeft verdreven en de macht heeft overgenomen, is de nieuwe wereldorde begonnen. En zelfs een moord kan daar niets aan veranderen…

Gegevens:

Auteur: Philip K. Dick
Land: USA
Genre: SF met anti-utopische en post-apocalyptische elementen
Pub. Datum: 1956
Format: Hardcover, Paperback
Uitgeverij: Ace Books, 192 blz.
Opmerkingen: te verkrijgen bij amazon.com, editie Vintage (June 29, 1993)

Nederlandse uitgave:

  • Vlucht naar Venus, Het Spectrum, Prisma 1472, Utrecht 1971.
  • De Sterrenzwervers, Ridderhof SF, Rotterdam 1976

Conclusie: dit is een van de werken uit de beginperiode van Philip K. Dick, waarin hij zijn weg nog moet vinden (getuigen daarvan zijn een aantal subplots die er minder toe doen), maar dat al enkele thema’s bevat van zijn latere werk. Geen boek om mee te beginnen, wel een boek dat iedere Dick-fan gelezen zou moeten hebben.

apr 012012
 

Gisteren ontdekte ik een reeks DVD’s die ik destijds bij de krant had gekregen en helemaal vergeten was. “Must have movie collection” staat er op de verpakking. Dus schonk ik een wijntje in en zette me schrap om het meesterwerk “The Box” (2009) te bekijken. Zelden zo’n pretentieuze onzin gezien! De film werd nochtans geregisseerd door Richard Kelly, die eerder het veel betere Donnie Darko maakte.

De plot is gebaseerd op een kort verhaal van Richard Matheson met als titel “Button, button” (1970), een ironische schets over verleiding en hebzucht, waarvan de afloop me een grijns kon ontlokken. De premisse van het verhaal is eenvoudig: wat zou je doen als je werd verteld dat je rijk kan worden door gewoon op een knop te drukken? En wat als je daarbij te horen krijgt dat het drukken op die knop tegelijkertijd zal leiden tot de dood van een ander mens ergens in de wereld. . . iemand die je niet kent? Zou je dan nog steeds op de knop drukken?

Matheson besteedde een tiental pagina’s aan deze filosofische vraag. Leuk detail: dit idee is ontleend aan Génie du christianisme (1e deel, boek VI, hfdst. II : Du remords et de la conscience),  waarin Chateaubriand  zich afvroeg :

« Si tu pouvais par un seul désir, tuer un homme à la Chine et hériter de sa fortune en Europe, avec la conviction surnaturelle qu’on n’en saurait jamais rien, consentirais-tu à former ce désir ? »

Later werd deze probleemstelling door Balzac in Le Père Goriot overigens ten onrechte toegeschreven aan Rousseau. Maar ik dwaal af…

The BoxDe film dan: in de vroege ochtend van 16 december 1976, vindt Norma Lewis een doos bij haar voordeur. Haar echtgenoot Arthur, die de doos opent, ziet een rare constructie met een rode knop. De constructie is op slot. In een briefje staat te lezen dat een zekere mijnheer Stewart die avond langs zal komen.

Die dag krijgen zowel de gehandicapte Norma als Arthur slecht nieuws over hun job. ‘s Avonds verschijnt een griezelige man met een misvormd gezicht ten huize van Norma en Arthur, die zichzelf als Arlington Stewart voorstelt. Hij geeft het paar de sleutel om het toestel te openen en vertelt hen dat zij 1 miljoen dollar zullen ontvangen als ze op de knop duwen. Maar tezelfdertijd zal ergens in de wereld iemand moeten sterven. De Lewises krijgen 24 uur de tijd om te beslissen. Norma en Arthur geloven niet wat Stewart hen verteld heeft, dus drukt Norma op de knop … met alle gevolgen van dien.

Dit gegeven werd uitgesponnen tot een film van 2 uur. En hoe! Om de gaten te vullen wordt er van alles bijgesleurd: een regeringssamenzwering, buitenaardsen die de mensheid testen,  poorten naar andere dimensies, wat pseudo-intellectueel geleuter over Sartre (l’enfer c’est les autres), willekeurige mensen met bloedneuzen, een sadistische student, een babysitter met problemen, psychobabbel over de “weg naar de verlossing”,  het hiernamaals,  kortom een onsamenhangende rotzooi die je een onweerstaanbare jeuk bezorgt. Met bordkartonnen personages die je doen wanhopen! En dan is er nog dat behang…

Arlington Stewart werd in de film door de bliksem getroffen. Vandaar zijn misvormde gezicht. De regisseur is in hetzelfde bedje ziek, maar bij hem is er duidelijk sprake van zware hersenschade.

 

Het verhaal van Richard Matheson werd eerder verfilmd in een aflevering van The New Twilight Zone (20b, maart 1986). Nog geen 20 minuten lang en heel wat beter. Het gedoemde koppel bestaat nu uit een sullige stotteraar en zijn feeks van een vrouw. Kijk maar (en druk eventueel op F5 als u de filmpjes niet kunt zien).

 

mrt 312012
 

Jan Gerhard ToonderHet verhaal speelt zich af in een onderaardse wereld waarin enkel volwassenen leven, waar geen plaats is voor kinderen, dieren en bloemen en waar alles geregeld wordt door de Voorschriften.

De gangen waardoor de mensen zich bewegen, zijn grijs. En ook hun leven bestaat uit een grijze eentonigheid. Iedere zaterdag gaan ze naar de Dienst, waar ze naar één van de vier toespraken – die altijd dezelfde zijn: één voor iedere week – luisteren en ‘s avonds gaan ze naar het Kringvoetballen. Iedere woensdag wordt er gezwartjand in de Recreatiezaal, iedere vrijdag is er de keuze tussen Geleid Halma en Vrijwillig Knutselen. Iedere dag moet men naar de televisie kijken: dat is goed voor je karakter, dat houdt je tevreden en je kunt er veel van leren. Overigens zijn de televisieprogramma’s ook altijd hetzelfde.

De kleding wordt via distributie verdeeld tegen inlevering van een formulier in vier- of vijfvoud. Dit alles wordt door de Voorschriften bepaald. De Voorschriften beginnen altijd met de formulering het staat iedereen vrij, maar door het toevoegen van subartikels wordt van iedere vrijheid een plicht gemaakt, of wordt elke vrijheid in haar omgekeerde veranderd. Zo staat er in artikel 81a: Het staat iedereen vrij te denken; zijn of haar gedachten zijn zijn of haar onvervreemdbaar en persoonlijk eigendom. Maar 81f zegt: Het staat iedereen vrij oplettendheid te betrachten ten aanzien van het denken van zijn mindere, zijn gelijkwaardige, zijn meerdere, en zijn vrouw of haar man, en zo hierin afwijkingen bespeurbaar of vermoedelijk zijn van het onder e. en d. bepaalde, hiervan zonder verwijl melding te maken (…). En onder d. en e. staat nu juist wat er gedacht moet worden!

Deze dubbelzinnigheid komt voor in alle artikel van het Voorschriftenboek, zodat het erop neerkomt dat de mensen in een gevangenis leven. Ze gehoorzamen de Voorschriften omdat ze nu eenmaal gehoorzaamd moeten worden, omdat ongehoorzaamheid ondenkbaar is. Leven buiten de gegeven aard der dingen is onmogelijk en zonder Gehoorzaamheid verandert de aard der dingen; en waar de aard der dingen verandert, houdt het leven op. En aangezien niemand zich kan herinneren dat er ooit een ander bestaan is geweest, is niemand er zich van bewust dat hij een gevangene is.

Toch zijn er uitzonderingen: de Duikers. Door onder te duiken in de stilte, komen er beelden van een ander leven voor hun geest.

Chrone is een van hen. Als hij op een zaterdag opstaat, heeft hij het geheim gevonden, en tezelfdertijd weet hij dat zijn leven nu aan een zijden draad hangt. Hij zal “gewoonheid” moeten simuleren. Zijn vrouw Lena, die hem haat, doorziet hem echter na korte tijd en nadat ze drie keer geprobeerd heeft hem te vermoorden, geeft hij haar en haar vriendin Carga aan, zogenaamd wegens hun lesbische verhouding. Hij wordt echter zelf ook opgesloten, ondergaat psychologische martelingen en wordt gedegradeerd tot Kruier.

Onder de Kruiers vindt hij echter verscheidene Duikers en samen met hen revolteert hij. De opstandelingen ontdekken dat de wereld waarin zij leven, geleid wordt door een reusachtige computer. Zij worden echter overwonnen door de “Zwarte Zusters” die hen met gas verdoven. Enkele opstandelingen slagen er toch in de buitenwereld via het rioleringssysteem te bereiken. Onder hen bevinden zich Chrone en Werila, een vrouw die aan dezelfde “afwijking” leed als hij.

In de onderaardse maatschappij gaat het leven ongewijzigd verder…

En in de buitenwereld? Dat is onze Westerse maatschappij, het spiegelbeeld van de onderaardse wereld.

Gegevens

Auteur: Jan Gerhard Toonder
Land: Nederland
Genre: Science Fiction, Anti-Utopie
Pub. Datum: 1966, eerste druk
Format: Paperback, 254 blz.
Uitgeverij: De Bezige Bij, Amsterdam
Opmerkingen: Enkel nog tweedehands verkrijgbaar

Uittreksels

1. Over de weg naar binnen

Herinner je je niet? Misschien was je toen al … o, te ver, te grijs; de meesten komen in in paren, heel stil, ik heb ze gezien; ik kwam alleen, en ik heb het me later, als het stil was, herinnerd, want ik wilde eigenlijk niet, maar kwam toch, alsof ik geduwd werd. Het is een heel lange, smalle gang, en je staat roerloos op een band die neerglijdt, lager, lager; langs donkere muren; en als het donkerder wordt keer je je misschien om en klimt tegen die steeds lager glijdende grond op, maar je komt nooit meer hoger, je bent nooit snel genoeg .. . en wordt moe, en staat dus weer, heel stil, en laat je dalen. Je gaat deuren voorbij die zich gewillig voor je openen maar zich achter je weer sluiten en dan dicht blijven wat je ook doet; en je geeft het op en dan ben je uitgeput; en eindelijk komt het licht van deze lampen, de klank van deze muziek; als je dan tenslotte hier opgenomen wordt ben je …tevreden. En dat is niet de weg naar buiten, die weg kun je niet terug. (blz. 244-245)

2. Over de heerlijke, nieuwe buitenwereld

En nu kan het zijn dat Wannero tenslotte ergens opdook in een nog ongeplaveide weg met oude bomen en jonge bloemen, en een slootkant vond met gras en riet en wilgen en daar zat tot een geüniformde man hem zei dat hij daar niet zitten mocht; dat Farbenis ronddwaalde door een fabriek waar vlammen door de duisternis staken en staal op staal bonkte en gemaskerde gedaanten hem niet verstonden als hij naar de uitgang vroeg, maar waar een uitgang was die hij bleef zoeken; en het kan zijn dat Borka, onmiddellijk door Wackner verlaten, dacht dat ze nog een tientje per man kon vragen, tot medelijdende agenten haar doorstuurden naar overwerkte artsen die haar misschien wel brachten naar een groot grijs gebouw waar radio en televisie de hele dag voor afleiding zorgden; dat Wackner, alleen, over een onafzienbaar voetbalveld draafde omgeven door rij na rij van lege, zwijgende tribunes; en dat Crolwac een man vond om neer te slaan en een jas en wat geld van te stelen, maar gevat werd en ergens terecht kwam waar ze hem leerden dat plichtsbetrachting, ordelijkheid en gehoorzaamheid tot tevredenheid zouden leiden; (…) (blz. 252-253)

mrt 312012
 

Brave New World

O wonder!

How many goodly creatures are there here!
How beauteous mankind is!
O brave new world,
That has such people in it!

Shakespeare, The Tempest

In het begin van de 20e eeuw ontstond er een breuk tussen de mensen die in de wetenschap geloofden en vaak weinig over de menselijke geest wisten, en de mensen die instinctief – en zonder er veel over te weten – de wetenschap resoluut afwezen. Wat de toekomstromans betreft, ontstonden er door deze breuk twee strekkingen: aan de ene kant verschenen nachtmerries, zoals The Machine Stops van E.M. Forster, aan de andere kant waren er werken die de wetenschap verheerlijkten, zoals het oeuvre van H.G. Wells.

Brave New World wordt dan ook vaak als de tegenpool van Wells’ Men Like Gods beschouwd, een werk waarin een moderne wereldstaat naar voor wordt gebracht waarin privé-eigendom, ouderlijke dwang en religie vervangen zijn door socialisme, staatsopvoeding en een wetenschappelijk humanisme. Geboortecontrole en eugenetica hebben een staat doen ontstaan waar vrijheid en tolerantie heersen.

Al deze elementen zijn ook in Brave New World aanwezig, maar waar Wells de toekomst positief ziet, voorspelt Huxley het tegendeel: Brave New World is de beschrijving van een totaal wetenschappelijke dictatuur.

Huxley baseerde zich dan ook op de recente ontwikkelingen in de wetenschap, om diezelfde wetenschap te hekelen en te verwerpen. Zo zijn er enorm veel overeenkomsten tussen het boek van Huxley en het in 1931 verschenen The scientific outlook van Bertrand Russell, die overigens tot hetzelfde besluit komt als Huxley:

The scientific society in its pure form (…) is incompatible with the pursuit of truth, with love, with art, with spontaneous delight, with every ideal that men have hitherto cherished, with the sole exception of ascetic renunciation” (blz. 274, editie George Allen & Unwin, London 1931)

ooOoo

Het verhaal speelt zich af in het Londen van 632 na Ford (dit verwijst naar Henry Ford, de man die de lopende band introduceerde voor de massaproductie van zijn auto’s). De wereld is verenigd tot één grote wereldstaat, die steunt op het principe van “Gemeenschappelijkheid, Gelijkvormigheid, Gelijkmatigheid“. De mens in deze wereld beheerst de natuur op een volmaakte wijze, maar aangezien zijn handelen en denken ondergeschikt zijn gemaakt aan “het principe”, heerst hij ook tegen zijn eigen natuur.

Opdat de maatschappij stabiel zou blijven, is ze onderverdeeld in kasten (alfa, beta, gamma, delta en epsilon), en worden haar inwoners vanaf het embryonaal stadium geconditioneerd datgene te prefereren waartoe ze zijn voorbestemd. Het verschil tussen de klassen wordt duidelijk gemaakt in de kleur van de kleding die men draagt. Al vanaf het moment dat ze ‘geboren’ worden, worden de kinderen onderworpen aan slaaponderwijs. Dit gebeurt door middel van een microfoon onder hun kussen die constant dezelfde zin herhaald.

“… all wear green,” said a soft but very distinct voice, beginning in the middle of a sentence, “and Delta Children wear khaki. Oh no, I don’t want to play with Delta children. And Epsilons are still worse. They’re too stupid to be able to read or write. Besides they wear black, which is such a beastly colour. I’m so glad I’m a Beta.”
There was a pause; then the voice began again.
“Alpha children wear grey They work much harder than we do, because they’re so frightfully clever. I’m really awfuly glad I’m a Beta, because I don’t work so hard. And then we are much better than the Gammas and Deltas. Gammas are stupid. They all wear green, and Delta children wear khaki. Oh no, I don’t want to play with Delta children. And Epsilons are still worse. They’re too stupid to be able …” (blz. 33)

Indien er ondanks alles toch gevoelens van twijfel rijzen, is er nog altijd soma, de ideale drug die de mens in een toestand van foetale onbewustheid kan brengen, wat in deze maatschappij de voorwaarde voor een gelukkig leven is.

Of, zoals Mustapha Mond, een van de twaalf wereldbeheerders, zegt:

The world’s stable now. People are happy; they get what they want, and they never want what they can’t get. They’re well off; they’re safe; they’re never ill; they’re not afraid of death; they’re blissfully ignorant of passion and old age; they’re plagued with no mothers or fathers; they’ve got no wives, or children, or lovers to feel strongly about; they’re so conditioned that they practically can’t help behaving as they ought to behave. And if anything should go wrong, there’s soma.

Maar de totale volmaaktheid bestaat zelfs hier niet, er zijn mensen die niet in het raderwerk passen omdat ze individuele gevoelens hebben, die ze niet kunnen onderdrukken. Zo’n personage is Bernard Marx, een Alpha-plus die de eenzaamheid verkiest boven het gemeenschapsgevoel, die de promiscuïteit haat en die de Beta-plus Lenina op een individuele basis wil leren kennen en beminnen.

Door zijn houding komt Bernard Marx in conflict met zijn superieur, de directeur van Londense Broed- en kweekcentrale, die dreigt hem over te plaatsen naar een eenzame basis in IJsland. De plannen van de directeur worden echter verijdeld door het feit dat Bernard, op een vakantietocht met Lenina, in een van de reservaten een “wilde” (John) ontmoet. Deze blijkt geen indiaan maar een blanke te zijn, wiens vader de directeur is. Aangezien John geen reageerbuisbaby is, maar via de natuurlijke weg geboren werd – hetgeen in deze maatschappij een groot schandaal is – wordt de directeur verplicht zijn ontslag te nemen.

John, die met Bernard en Lenina naar hun wereld is gekomen, zal zich nu moeten aanpassen aan deze totaal andere maatschappij, die hij in zijn onschuld tot “Brave New World” geproclameerd heeft. Aangezien zijn opvoeding bij de indianen en zijn studie van Shakespeare een totaal tegengestelde wereldopvatting bij hem hebben geschapen, is deze aanpassing voor hem onmogelijk. Hij is echter verplicht in Brave New World te blijven, omdat Mustapha Mond wil nagaan in hoeverre hij zich zal kunnen aanpassen.

John trekt zich terug in een verlaten vuurtoren, waar hij al snel ontdekt wordt door een reporter, hetgeen tot resultaat heeft dat de massa – die John als een nieuw vermaak beschouwt – in zwermen op hem afkomt. Als Lenina verschijnt, culmineert de scène in een orgie, waarin John haar eerst geselt en haar daarna, onder invloed van de algemene hysterie en een dosis soma, bezit. Nadat hij zich heeft gerealiseerd wat hij gedaan heeft, pleegt hij uit wroeging en walging zelfmoord.

Gegevens

Auteur: Aldous Huxley
Land: Verenigd Koninkrijk
Genre: anti-utopie
Publicatie: Chatto and Windus, Londen 1932


Opmerkingen
:

  • Gebruikte versie: Penguin Books, 1973
  • Nederlandse uitgave: Heerlijke Nieuwe Wereld, J.M. Meulenhoff, september 2010, 253 blz.
  • Het boek werd verfilmd in 1980 en 1998 en zou in 2011 opnieuw verfilmd worden door Ridley Scott (wat dus nog niet gebeurd is!).

Citaten

People believe in God because they’ve been conditioned to believe in God.

Ten minutes later they were crossing the frontier that separated civilization from savagery. Uphill and down, across the deserts of salt or sand, through forests, into the violet depth of canyons, over crag and peak and table-topped mesa, the fence marched on and on, irresistibly the straight line, the geometrical symbol of triumphant human purpose.

That is the secret of happiness and virtue – liking what you’ve got to do. All conditioning aims at that: making people like their unescapable social destiny.

Online tekst van Brave New World